GRIP/VOS/VOORALARM/T.I.S

Wanneer er een groot incident plaats vindt, of op een bijzondere locatie (Schiphol en het treinspoor) wordt er opgeschaald met GRIP, VOS en TIS.
Op deze pagina vindt u meer informatie over deze scenario`s.

 

GRIP
Nederland kent het scenario GRIP. GRIP staat voor: Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdings Procedure. Wanneer er een incident gebeurd waarbij er een duidelijke gecoordineerde inzet nodig is, kan er opgeschaald worden naar GRIP. Dit scenario kent 5 onderverdelingen:

  • GRIP 1: Bronbestrijding. Incident van beperkte afmetingen. Er is afstemming nodig tussen de verschillende disciplines.
  • GRIP 2: Bron- en effectbestrijding. Incident met duidelijke uitstraling naar de omgeving.
  • GRIP 3: Ramp of een zwaar ongeluk binnen een gemeente.
  • GRIP 4: Ramp of een zwaar ongeluk binnen meerdere gemeentes.
  • GRIP 5: Ramp of een zwaar ongeluk binnen meerdere provincies of landen.

Elk scenario heeft zijn eigen opschalingen qua voertuigen en specialistische voertuigen.
GRIP 4 is bijvoorbeeld gebruikt bij de zware duinbranden in Noord Holland Noord in 2011. Bij GRIP situaties is er een grote inzet nodig, wellicht uit meerdere regio`s.


VOS/Vooralarm
VOS staat voor Vliegtuig Ongeval Schiphol. Wanneer er een incident is op Schiphol wordt dit weergegeven met VOS. Sinds 1 september 2012 zijn de 7 VOS situaties veranderd.:

Op 1 september zijn nieuwe kwalificaties geïntroduceerd met betrekking tot incidenten en noodgevallen waarbij vliegtuigen zijn betrokken. Voorheen werd een incident gedefinieerd als Vliegtuig Ongeval Schiphol(VOS) 1 t/m 7. In de praktijk bleken sommige situaties niet altijd overeen kwamen met wat er in de VOS tabel stond, omdat bijvoorbeeld niet altijd meteen duidelijk is hoeveel mensen aan boord zijn van een vliegtuig. Daarom is in samenwerking met alle betrokken hulpdiensten en organisaties een nieuwe tabel opgesteld.

De nieuwe kwalificaties geven ook aan of de noodsituatie al heeft plaatsgevonden of niet. Daarnaast wordt in de nieuwe tabel aangegeven of Schiphol het incident zelf kan afhandelen met de middelen die op de luchthaven aanwezig zijn of dat hulpdiensten van buiten Schiphol moeten worden opgeroepen via de veiligheidsregio’s Kennermerland en Amsterdam Amstelland. Bepaalde situaties waren voor de hulpdiensten ook moeilijk te definiëren in termen van VOS 1 t/m 7. De nieuwe tabel is eenvoudiger en eenduidig. Het doel van het afgeven van een bepaald soort alarm is om ervoor te zorgen dat de juiste middelen en personen worden ingezet, en in de juiste hoeveelheden.

Bron: www.112schiphol.nl


T.I.S
TIS staat voor treinincidentscenario. TIS is een typering voor een incident op of rond een spoorweg. Het is in feite de spoorwegvariant van de GRIP procedure. Een TIS regelt de benodigde opschaling, zowel van de hulpdiensten als van de spoorwegmaatschappij en spoorbeheerder.

TIS heeft een onderverdeling in 5 scenario`s:

  • TIS 1: Verstoring treindienst
  • TIS 2: Brand
  • TIS 3: Aanrijding of ontsporing
  • TIS 4: Gevaarlijke stoffen
  • TIS 5: Bommelding

Elk scenario heeft een onderverdeling in 4 subgroepen. Hierbij heeft 1 de kleinste omvang, en oplopend tot 4, wat de grootste omvang heeft van het incident.


TIS 1:
TIS 1 betreft vrijwel altijd een bedrijfsmatige onderbreking voor de spoorwegen. In de meeste gevallen is de inzet van hulpdiensten niet noodzakelijk.

  • TIS 1.1: een storing waarbij vertragingen ontstaan van tussen 5 en 30 minuten.
  • TIS 1.2: een storing waarbij vertragingen ontstaan van meer dan 30 minuten.
  • TIS 1.3: totale versperring.
  • TIS 1.4: totale versperring met uitstraling naar een groot gedeelte van het land.


TIS 2
Bij TIS 2 gaat het om scenario’s waarbij sprake is van brand.

  • TIS 2.1: een bermbrand.
  • TIS 2.2: een kleine brand in een trein of station.
  • TIS 2.3: een grote brand in een trein.
  • TIS 2.4: een grote brand in een station of tunnel.


TIS 3
TIS 3 beschrijft scenario’s voor aanrijdingen en botsingen waarbij slachtoffers betrokken zijn, variërend van een aanrijding met één voertuig tot een zeer ernstige aanrijding waarbij meerdere slachtoffers betrokken zijn en de trein of delen daarvan ernstig beschadigd zijn.

  • TIS 3.1: aanrijding trein met een persoon, fiets, bromfiets of ander klein voorwerp.
  • TIS 3.2: aanrijding trein met rangeerdeel of klein wegvoertuig (auto / bestelbus en dergelijke).
  • TIS 3.3: ontsporing met slachtoffers of aanrijding tussen een trein met een andere trein of een groot wegvoertuig (bus/vrachtauto) waardoor wagenstellen niet vervormd, gekanteld of gestapeld zijn.
  • TIS 3.4: ontsporing met slachtoffers of aanrijding tussen een trein met een andere trein, een groot wegvoertuig of object waardoor wagenstellen vervormd, gekanteld of gestapeld zijn.


TIS 4
TIS 4 ongevallen met gevaarlijke stoffen. Dit scenario is vooral van toepassing op de Betuweroute.

  • TIS 4.1: een klein ongeval met gevaarlijke stoffen, zoals een druppelende afsluiter of blazende veiligheid.
  • TIS 4.2: een brand waarbij een gevaarlijke stof betrokken is.
  • TIS 4.3: een ontsnapping van een gevaarlijke stof waarbij de effecten beperkt blijven tot het brongebied.
  • TIS 4.4: een ongeval met gevaarlijke stoffen waarbij duidelijk sprake is van een effectgebied.


TIS 5
Met TIS 5 worden de scenario’s beschreven waarin sprake is van bommelding, bomvinding of bomexplosie.

  • TIS 5.1: anonieme bommelding of verdacht gedrag.
  • TIS 5.2: verdacht voorwerp of bomvinding op de vrije baan.
  • TIS 5.3: verdacht voorwerp of bomvinding in trein op station, op station of in tunnel.
  • TIS 5.4: bomexplosie in trein, station of in tunnel.

 

© 112-Uitgeest.nl