Cocaïnehandel en witwassen door criminele organisatie: OM eist 11 jaar celstraf

465

Het Openbaar Ministerie Noord-Holland heeft woensdag 27 en donderdag 28 maart 2019 tot 11 jaar gevangenisstraf geëist tegen zeven personen, waarvan meerdere worden verdacht van o.a. deelname aan een criminele organisatie, grootschalige handel in cocaïne en witwassen.

De zaak komt aan het rollen in 2017, wanneer een 64-jarige man uit Uitgeest op Schiphol wordt aangehouden met €200.000 in zijn koffer. Daarop start de FIOD een onderzoek, waarna meer aanhoudingen volgen: eerst zijn 38-jarige schoonzoon, zijn 32-jarige dochter en zijn 62-jarige echtgenote. Een aantal dagen later twee Braziliaanse mannen van 31 en 33 jaar en tot slot de aanhouding van een 40-jarige man uit Hilversum en een 44-jarige man uit Almere.

Kapitale winsten
Het OM verwijt meerdere van deze verdachten deelname aan een organisatie die grote partijen cocaïne vervoert. Dit gebeurt vanuit Brazilië naar Europa, in sporttassen verstopt tussen de deklading van zeecontainers, die per schip naar West-Europese havens worden getransporteerd. De kapitale winsten uit de verkoop van de cocaïne worden gedeeltelijk overgeheveld naar Brazilië. ‘’In de kern gaat dit onderzoek over een criminele organisatie’’ aldus de officier van justitie in zijn requisitoir. Het OM is van mening dat in Uitgeest jarenlang een succesvolle criminele organisatie heeft geworteld, met een stevige link naar Brazilië, die grote hoeveelheden cocaïne verhandelde en daarmee heel veel geld heeft verdiend. 
‘’Er was sprake van visie, ambitie, incasseringsvermogen, ongeremde hebzucht en de absolute bereidwilligheid om jarenlang de wetten in meerdere landen structureel te schenden’’, vervolgt de officier. ‘’Deze organisatie heeft op allerlei manieren in Brazilië en Nederland directe maatschappelijke schade kunnen veroorzaken. Niet in de minste plaats door met hun luxe levensstijl aan de inwoners van Uitgeest het verwerpelijke idee te bevestigen, dat de overheid juist wenst te ontkrachten, te weten: misdaad loont.’’

Sprookje
Al heel snel na de eerste aanhoudingen ontdekt de FIOD dat er helemaal niets klopt van de financiële huishouding van verdachten. Zo staat de 38-jarige man sinds augustus 2012 in Nederland ingeschreven, terwijl er van hem nooit enige inkomsten bij de belastingdienst bekend zijn geworden. Van een legale bron van inkomsten is geen sprake. Geen van de verdachten komt met verifieerbare verklaringen over de herkomst van het geld, de vele auto’s en de huizen waarover zij beschikken. Schoonvader en schoonzoon lijken te erkennen dat er een internationale witwasorganisatie bestond, waarvoor zij geldtransporten en -stortingen, telecommunicatie, vervoer en onderdak regelden. Toch wijzen vrijwel alle verdachten de suggestie van de hand dat ze wisten met deze handelingen een criminele organisatie te faciliteren. De officier van justitie zegt daarover: ‘’Met die verklaringen proberen verdachten hun eigen en andermans rol tot niets méér te reduceren dan tot die van de onwetende, naïeve, hulpvaardige buitenstaanders, die zonder dat zelf ook maar enigszins te willen, in een duister sprookje zijn beland.’’

Geldtelmachine
Maar de realiteit is in de ogen van het OM een heel andere: de criminele operatie wordt vanuit Uitgeest aangestuurd, gefaciliteerd en geïnnoveerd. Er wordt beschikt over crypto- en PGP-telefoons. Onderlinge communicatie is versleuteld. De identiteit van verzenders en ontvangers is bijzonder privé, het op straat belanden van een containernummer kan immers leiden tot een verlies van miljoenen. Huizen in Uitgeest en Vinkeveen bieden een veilig onderkomen aan verdachten en zijn bestemd om criminele activiteiten buiten het zicht van autoriteiten en concurrenten te houden. Criminele buit en goederen, zoals een geldtelmachine en vuurwapens, zijn daar na een eerste aanhouding ook verstopt. De vele auto’s worden mogelijk uitgeleend aan criminele kennissen, gebruikt voor criminele ontmoetingen en het vervoeren van cocaïne. De luxe voertuigen vormen bovendien een statussymbool waar verdachten ongegeneerd van genieten, ondanks klachten uit de buurt.

Levensgevaarlijk
‘’De internationale cocaïne-industrie is zwaar geprofessionaliseerd, want uiterst lucratief en daarmee levensgevaarlijk. Met deze industrie gaan enorme financiële investeringen en logistieke inspanningen gepaard. Er dienen meerdere lands- en morele grenzen te worden gepasseerd wil een transport slagen.’’ Daarbij passen forse strafeisen: 11 jaar voor de schoonzoon, 5 jaar voor schoonvader en 4½ jaar voor diens dochter. Tegen de Braziliaanse handlangers eist de officier 4 en 4½ jaar. De mannen uit Hilversum en Almere horen respectievelijk 16 maanden en 30 maanden tegen zich eisen. De zaak tegen de 64-jarige vrouw wordt vrijdag 5 april behandeld.

Reacties

Reacties